Erfgoed heeft een eigen 'stroomversnelling' nodig

13 nov 2017

Nico de Bont agendeert belangrijke erfgoedthema's tijdens roadtrip naar de Randstad.

Voor de verduurzaming van Nederlands erfgoed is eigenlijk een door overheid en marktpartijen samen georganiseerde Stroomversnelling nodig, à la de verduurzaming van verouderd woningbezit. Dat is één van de uitkomsten van de 'achterbankgesprekken' en de rondetafelbijeenkomst die op dinsdag 7 november plaatsvonden tijdens de Nico de Bont Roadtrip op weg naar de Randstad. Innovaties op het gebied van - met name - energetische duurzaamheid zijn hard nodig om de balans te kunnen vinden comfort, esthetiek, authenticiteit en functionaliteit aan de ene kant en verantwoorde energieprestaties aan de andere. Dat geldt voor behoud en restauratie van erfgoed, maar ook voor het herbestemmen en vernieuwen ervan. En: wanneer is de opgave echt kansloos en geven we ruimte aan sloop-nieuwbouw? Of redden we het wel met wat meer creativiteit en lef?

Voor de opening van een nieuwe vestiging in het Olympisch Stadion van Amsterdam maakte de directie van restaurateur en herbestemmer Nico de Bont op dinsdag 7 november een roadtrip van Vught naar de Randstad, in een oude Jaguar. Tijdens de trip werd met gerenommeerde gasten uit allerlei erfgoed-geledingen geanimeerd gediscussieerd over de toekomst van erfgoed en de issues die spelen in behoud en herbestemming ervan.

Veel veranderd

Directievoorzitter Boudewijn de Bont, één van de gastheren van de trip: 'Vergelijken we de sector op dit moment met die van tien jaar terug dan is de situatie enorm veranderd. Toen stond het wegwerken van de restauratieachterstand in Nederland centraal. Met behulp van forse subsidies deden we zo’n vijf grote kerken per jaar. Opdrachtgevers waren vooral stichtingen, maatschappelijke organisaties en overheden. Herbestemming diende zich aan. Nu tien jaar later is de restauratieachterstand niet leidend meer en zijn er veel minder subsidies. Meer dan de helft van onze projecten bestaat uit herbestemmingen. De vuistregel van 2 leegkomende kerken lijkt achterhaald, het zijn er inmiddels veel meer geworden. En dan hebben we het nog niet eens over agrarisch, industrieel en ander erfgoed. Wonen en werken in monumentale fabrieken, kloosters e.d. is erg populair geworden. Opdrachtgevers zijn steeds vaker commerciële partijen. Ten opzichte van 10 jaar geleden is de erfgoed-markt ongeveer 180 graden omgedraaid in bezit en gebruik, maar ook in de eisen die er worden gesteld aan comfort en duurzaamheid. Hoe gaan we daarmee om? Dat wilden we agenderen tijdens onze trip naar het nieuwe kantoor in Amsterdam.'

Duurzaamheid

Vooral verduurzaming van erfgoed bleek een hot issue op de achterbank van de Jaguar en het Rondetafelgesprek in De Rode Olifant, het voormalige Esso-hoofdkantoor in Den Haag. Sylvia Pijnenborg, adjunct-directeur van BOEi, pleitte in De Rode Olifant vooral voor omzichtigheid en maatwerk: duurzaamheid voor erfgoed is volgens haar niet in nieuwe standaards en modellen te vangen en moet per gebouw en per opgave worden bezien. Ze reageerde met die visie op Birgit Dulski, senior researcher bij Nijenrode University/Nibe, die inmiddels wel degelijk een eerste model ontwikkeld heeft om duurzaamheid van erfgoed kwantitatief in balans te brengen met erfgoedwaarden. Het is nog niet perfect, geeft ze toe, maar het is een begin: 'Het model vormt een soort verbindingsstreepje tussen de technische, kwantitatief ingestelde duurzaamheidsspecialisten en de vakmensen die meer met esthetiek en authenticiteit bezig zijn. Die twee werelden begrijpen elkaar vaak niet, ze spreken elkaars taal niet.'

Collectieve oplossingen zijn hard nodig

Janneke Bierman (architect en directeur Bierman Henket architecten, tevens voorzitter subcommissie I (binnenstad) Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Amsterdam) noemde het in haar achterbankgesprek met directievoorzitter Boudewijn de Bont één van de belangrijkste opgaven voor de erfgoedwereld: het verduurzamen van erfgoed, zonder de monumentale waarde aan te tasten: 'De technieken om te verduurzamen zijn nog erg in ontwikkeling. Er gaat nog veel fout, waardoor er aan monumenten schade wordt toegebracht. Het is zaak om de verduurzaming heel zorgvuldig aan te pakken. Tegelijkertijd moet je er wel voor zorgen dat de verduurzaming van erfgoed niet te veel achterop raakt bij de rest van de gebouwvoorraad.' Eén van de oplossingen die Bierman omarmt is het bezien van duurzaamheid op een grotere schaal: niet alleen per individueel gebouw, maar per straat, per buurt of per stadsdeel. Bierman: 'Je kunt het niet allemaal per gebouw oplossen. Het zoeken naar collectieve oplossingen voor de verduurzaming van de Amsterdamse binnenstad; dat is echt nodig.'

Het alternatief voor glinsterende panelen

Haig Balian, die sinds 1 november is afgetreden als ARTIS-directeur om zich te gaan focussen op de herbestemming van het ARTIS Groote Museum, pleitte in zijn achterbankgesprek met Roel Maas (directeur Nico de Bont) vooral voor een nationale, misschien wel Europese bundeling van innovatiekracht:

'We bewaren-restaureren monumenten om mensen een stuk van onze geschiedenis te laten zien. Als je géén blauw-glinsterende zonnepanelen op je monument legt, om maar eens iets te noemen, dan draag je bij aan de snelle vernietiging van de aarde. En dan hebben we er ook niet zo veel aan om al dat erfgoed te bewaren. Er zou meer geld geïnvesteerd moeten worden om wèl die mooie zonnepanelen te maken, als onderdeel van ons monumentenbeleid. Wij zijn als ARTIS zeer innovatief, zoeken alles uit, hebben veel kennis, hergebruiken onze monumenten, we zijn met onze 1,4 miljoen bezoekers een enorme promotor van het monumentale, maar duurzaamheid vind ik lastig. Er is te weinig beleid, waardoor we het allemaal zelf moeten bedenken en uitvinden, met een beperkt budget. Het is de eigenlijk de taak van de overheid en van de hele sector. Je zou het zelfs veel internationaler moeten aanpakken. Europa zou meer moeten uitwisselen. We hebben hier zo veel erfgoed en zo veel vernieuwing: we zouden veel meer voorop kunnen lopen in de wereld. De politiek zou dat meer moeten stimuleren. Er moet een vliegwielfunctie komen. Die onrendabele top moet eruit en het onderzoek moet betaald worden. Dan bouw je expertise op.'

Voorbeeldfunctie, maar niet doodknuffelen

Jurjen van Beek (adviseur restauraties/architect bij de gemeente Rotterdam), ziet in de ambitieuze duurzaamheidsdoelstellingen van Rotterdam vooral een voorbeeldfunctie weggelegd voor het erfgoed: 'Erfgoed heeft een voorbeeldfunctie, en daarmee een grote maatschappelijke verantwoordelijkheid. Bij het Maastunnelcomplex zijn we flink aan het verduurzamen op energetisch gebied, zoals met de opwekking van warmte via warmtepompen. We kijken zelfs naar het opwekken van energie uit het water van de Maas. Maar als je erfgoed wil verduurzamen moet je altijd weer een balans zoeken tussen waarde van een object in relatie tot wat je kunt bereiken op het gebied van verduurzaming. Je kunt aan een oud gebouw niet zomaar een willekeurige Breeam-ambitie plakken. Als het gebouw of het infrastructurele object daardoor veel te duur wordt in exploitatie, dan verliest het waardering en z'n legitimiteit.' En daar zijn ze in Rotterdam heel gevoelig voor, lacht Van Beek: een gebouw moet wel doen wat het moet doen. Ook het te hard conservatief vasthouden aan de bescherming van erfgoed is in Rotterdam daarom een echte no-go. 'Daarmee kom je er niet. Ontwikkelkracht, vernieuwingsdrang: dat zit zo in het DNA van Rotterdam, dat mag niet door erfgoed worden belemmerd. Het mag er wel door worden geïnspireerd, natuurlijk, en dat gebeurt ook heel veel. Maar erfgoed doodknuffelen: dat gaat je in Rotterdam niet lukken.'

Zelf ziet hij één van de grootste uitdagingen in de infrastructurele projecten en ambities van Rotterdam, die overal raakvlakken hebben met erfgoed-vraagstukken, waaronder de bestaande Noord-Zuid verbindingen, maar ook de plannen voor een derde of zelfs vierde Maasbrug en de uitbreiding van de Oost-West verbinding Hoekse Lijn - die moet gaan doorlopen tot aan het strand van Hoek van Holland. Van Beek: 'Dat betekent dat je daar ook ontmoetingen gaat krijgen met bestaande objecten en structuren, zoals de Duitse Atlantikwall. Dat levert veel interessante en grote uitdagingen op.'

De verslagen van alle achterbankgesprekken, interviews en de rondetafelbijeenkomst zijn binnenkort te vinden op www.nicodebont/roadtrip